Gerechtelijke uitspraken

Disclaimer:
Samenvatten is mensenwerk. We staan niet garant voor de volledigheid. Als u de geanonimiseerde uitspraak (zie bijlage) wilt ontvangen kunt u een verzoek richten aan spreekuur@wooninfo.nl. Hou er rekening mee dat verschillende rechters van geval tot geval verschillende afwegingen kunnen maken.

  Terug

Kenmerk (rechtbank)/Zaaknr.:
5757908 CV EXPL 17-5368  
EBF nummer:
__W17003  
Datum uitspraak:
09-01-2018  
Titel:
Verhuurder gaat in beroep tegen HuCo uitspraak waarin WOZ-waarde lager is vastgesteld dan VH wenselijk acht. VH wordt in ongelijk gesteld.  
Kern:
Verhuurder gaat in beroep tegen HuCo uitspraak waarin WOZ-waarde lager is vastgesteld dan VH wenselijk acht. VH wordt in ongelijk gesteld. De rechtbank wijst de vordering van VH af, HuCo is niet het orgaan om te toetsten of de WOZ waarde wel de juiste hoogte heeft.

Samenvatting:
Verhuurder heeft de gang naar de rechter gemaakt na verloren Huco-procedure waarin WOZ-waarde lager is vastgesteld dan Rochdale wenselijk acht. Vonnis 9 januari 2018 verhuurder in ongelijk gesteld.

Huurder had na ontvangst van de WOZ waarde over 2016 (peiljaar 2015) een voorstel tot huurverlaging ingediend bij zijn verhuurder. Huurprijs was €570,57 H stelt voor €549,26 (114 punten). Dit op basis van de door de Gemeente vast gestelde WOZ waarde.

VH heef hier niet op gereageerd en H is naar de HuCo gegaan voor een uitspraak over de redelijkheid van het voorstel. HuCo stelt H in gelijkt, HuCo komt zelf op een lage huurprijs uit, €542,20 op basis van 112 punten. Echter mag de HuCo niet lager uitspreken en stelt de huurprijs vast op €549,26. VH was niet aanwezig tijdens de zitting en heeft ook geen schriftelijke reactie gegeven.

VH gaat daarna in beroep en stelt dat de verkeerde WOZ waarde is toegepast. De WOZ waarde was op 70% vaste gesteld omdat VH volgens protocol (2007) aan de Gemeente heeft laten weten deze woning te (gaan) renoveren. Uit dit protocol volgt dan dat de kapitaal lasten voor VH worden verlaagd en werkt als stimulans om de woning te gaan renoveren.
VH is van mening dat deze regeling niet van toepassing is wanneer het gaat om de vaststelling van de Woningwaardering van een huurwoning. De 70% waarde is niet de reële/feitelijk marktwaarde waar de wetgever bij het WWS over spreekt.

H gaat hier tegen in bezwaar en geeft aan dat VH dan formeel bij de Gemeente hier in 2016 bezwaar tegen had moeten maken. Dit heeft VH na gelaten en tijdens de toetsing bij de HuCo ligt niet de hoogte van de WOZ waarde ter discussie maar de passende huurprijs van de woning.

De rechter gaat in het argument van de huurder mee. De beoordeling van het puntenaantal ging op basis van de beschikbare cijfers. De rechter stelt daarom ook de verhuurder in het ongelijk en stelt de huurprijs conform de uitspraak van de HuCo vast op €549,26. De overige punten van de uitspraak waren namelijk niet ter discussie gesteld.

VH wordt veroordeeld in de proceskosten veroordeling.

Rechter:
R.H.C. van Harmelen  
Gemachtigde:
Harmen Meijerink  
Instantie:
Rechtbank Amsterdam  
Winnaar:
Verhuurder  
Deze uitspraak bevat 1 bijlage. Wilt u deze per mail ontvangen, stuur dan een verzoek naar spreekuur@wooninfo.nl en vermeld het kenmerk en de titel van de uitspraak.
 
  Terug