Gerechtelijke uitspraken

Disclaimer:
Samenvatten is mensenwerk. We staan niet garant voor de volledigheid. Als u de geanonimiseerde uitspraak (zie bijlage) wilt ontvangen kunt u een verzoek richten aan spreekuur@wooninfo.nl. Hou er rekening mee dat verschillende rechters van geval tot geval verschillende afwegingen kunnen maken.

  Terug

Kenmerk (rechtbank)/Zaaknr.:
KK 07-825  
EBF nummer:
BAA 0703  
Datum uitspraak:
25-10-2007  
Titel:
Servicekosten/huurovereenkomst korte duur  
Kern:
Verhuurder kan niet spreken over een huurovereenkomst van korte duur indien de feitelijke omstandigheden en zijn gedragingen dit niet rechtvaardigd. Een bepaling alleen (overeenkomst van korte duur) is niet voldoende om een huurovereenkomst te ontbinden.

Samenvatting:
Op 5 oktober 2007 heeft de huurder een huurovereenkomst ondertekend, getiteld ?Overeenkomst van korte duur voor verhuur en huur van gemeubileerde en/of gestoffeerde woonruimte?. De huurovereenkomst is aangegaan voor 6 maanden met daarbij een mogelijkheid tot verlenging. De huurder is verplicht een maandelijks bedrag te betalen van E 1000,- waarin alle bijkomende kosten zijn in berekend. Op 10 mei 2007 is aangekondigd dat de verhuurder de schimmelvorming wil verhelpen die zich heeft ontwikkeld in de badkamer van het gehuurde. De huurder heeft in overleg met gemachtigde een aantal voorwaarden (zie vonnis) gesteld waar de verhuurder uiteindelijk mee akkoord is gegaan (overeenkomst 11 mei). Op 31 mei 2007 heeft de huurder de huurcommissie verzocht om een uitspraak te doen over de hoogte van het voorschot van de servicekosten. Dit verzoek is door de huurcommissie ingetrokken omdat de verhuurder in een brief van 18 september 2007 heeft aangegeven dat de huurder verhuisd is. De huurder heeft de verhuurder gesommeerd de brief die is gezonden aan de huurcommissie in te trekken. Daarnaast heeft het de huurcommissie verzocht alsnog uitspraak te doen over bovengenoemde.

De huurder vordert de verhuurder
? de woning (de gehuurde) aan de huurder te beschikking te stellen.
? Daarnaast vordert de huurder van de verhuurder een afrekening van de servicekosten voor de woning van het jaar 2006.
? Veroordeling van verhuurder in de kosten van de procedure.

De huurder onderbouwt zijn vordering met hetgeen overeen is gekomen in de huurovereenkomst van 11 mei 2007. De huurder betwist het feit dat de huurovereenkomst na 6 maanden zou eindigen. Daarnaast hebben zij een bepaling in de huurovereenkomst opgenomen waarin de huurovereenkomst verlengd kan worden. Daarnaast stelt de huurder dat de problemen pas zijn ontstaan toen hij begon te klagen over de hoogte van het voorschot aan servicekosten.

De verhuurder verweert zich hier tegen en voert aan dat de overeenkomst van 11 mei 2007 moet worden vernietigd wegens misbruik van omstandigheden. De verhuurder heeft allerlei maatregelingen genomen om de renovatie op 14 mei 2007 te laten beginnen, echter heeft de huurder op het laatste moment afgezegd waardoor de verhuurder in substanti?le kosten geplaatst zou worden. Hiermee stelt de verhuurder dat hij niet anders kon dan in te stemmen met de overeenkomst van 11 mei 2007. Daarnaast stelt de verhuurder dat de oorspronkelijke huurovereenkomst van 5 juni 2006 al is ge?indigd.

De kantonrechter heeft geoordeeld dat er geen sprake is van misbruik van de omstandigheden bij de totstandkoming van de overeenkomst. Op het moment van tekenen was er geen sprake van een noodtoestand. De huurder heeft zich alleen teruggetrokken omdat het niet zeker was of hij terug kon keren naar de woning als de werkzaamheden voorbij waren. De kans was zeker aanwezig dat de verhuurder de terugkomst zou frustreren. Tot slot is de kantonrechter niet van mening dat de huur naar zijn aard slechts van korte duur is geweest. Volgens de kantonrechter komen de gedragingen van de verhuurder en de omstandigheden waarop de woning is verhuurd niet in aanmerking voor een overeenkomst van slechts korte duur.

De verhuurder wordt veroordeeld de woning binnen 14 dagen weer ter beschikking te stellen aan de huurder en tot betaling van de proceskosten.

Rechter:
D.H. de Witte  
Gemachtigde:
 
Instantie:
Rechtbank, sector Kanton  
Winnaar:
Huurder  
 
  Terug