Gerechtelijke uitspraken

Disclaimer:
Samenvatten is mensenwerk. We staan niet garant voor de volledigheid. Als u de geanonimiseerde uitspraak (zie bijlage) wilt ontvangen kunt u een verzoek richten aan spreekuur@wooninfo.nl. Hou er rekening mee dat verschillende rechters van geval tot geval verschillende afwegingen kunnen maken.

  Terug

Kenmerk (rechtbank)/Zaaknr.:
CV 06-25636  
EBF nummer:
AMO 028  
Datum uitspraak:
13-11-2007  
Titel:
Verhuurder berust in uitspraak van huurcommissie na verzenden brief aan huurder.  
Kern:
De verhuurder heeft de huurder een brief gestuurd, waaruit de huurder mocht afleiden dat de verhuurder berust in de uitspraak van de huurcommissie.

Samenvatting:
De huurder is een procedure gestart bij de huurcommissie. De verhuurder heeft de huurder een brief gestuurd dat hij de teveel betaalde huur (?9000,-) zo snel mogelijk zal overmaken aan de huurder. Kort hierop volgt een andere brief van de verhuurder. De verhuurder geeft hierin aan dat de vorige brief nooit verzonden had mogen worden.

De huurder stelt dat de verhuurder zich heeft neergelegd bij de uitspraak van de huurcommissie. De huurder voert als bewijs de brief die de verhuurder heeft verstuurd en het terugstorten van de teveel betaalde huur.

De kantonrechter beoordeelt of de verhuurder ontvankelijk is in zijn beroep.
De verhuurder is binnen de wettelijke termijn van 8 weken in beroep gegaan (art. 7:262 BW).
De kantonrechter is van oordeel dat de verhuurder in het oordeel van de huurcommissie heeft berust. Van berusting is sprake als de in het ongelijk gestelde partij een houding heeft aangenomen, waaruit de wederpartij in de gegeven omstandigheden mocht afleiden dat de in het ongelijk gestelde partij zich bij de uitspraak heeft neergelegd. De in het ongelijk gestelde partij moet zijn wil tot uitdrukking hebben gebracht. ( Hier moet rekening worden gehouden met art. 3:33 BW; wilsverklaring jo art. 3:34 BW; handelingsbekwaam)
Ten eerste is de verhuurder een professionele verhuurorganisatie. De huurder kon de verzonden brief niet anders opvatten dan dat de verhuurder zich bij het oordeel van de huurcommissie had neergelegd. De huurder mocht ervan uitgaan dat de verhuurder haar organisatie zo heeft ingericht dat iedere uitspraak door kundige mensen adequaat wordt afgehandeld, omdat de verhuurder wel vaker geconfronteerd wordt met uitspraken van de huurcommissie. Dat de verhuurder zijn organisatie zo heeft ingericht dat er automatisch gereageerd wordt op dit soort zaken is voor risico van de verhuurder.
Dit betekent dat de vordering van de verhuurder wordt afgewezen.

Rechter:
Mr. M.P.A.M. Fruytier  
Gemachtigde:
 
Instantie:
Rechtbank, sector Kanton  
Winnaar:
Huurder  
 
  Terug