Gerechtelijke uitspraken

Disclaimer:
Samenvatten is mensenwerk. We staan niet garant voor de volledigheid. Als u de geanonimiseerde uitspraak (zie bijlage) wilt ontvangen kunt u een verzoek richten aan spreekuur@wooninfo.nl. Hou er rekening mee dat verschillende rechters van geval tot geval verschillende afwegingen kunnen maken.

  Terug

Kenmerk (rechtbank)/Zaaknr.:
KK 11-345  
EBF nummer:
__Z1126  
Datum uitspraak:
10-05-2011  
Titel:
Kortgeding, ontruiming woning i.v.m. tijdelijkheid huurovereenkomst. (Afgewezen)  
Kern:
Opzegging huurovereenkomst door Vh/eigenaar omdat de overeenkomst van korte duur zou zijn vanwege geplande verkoop. Rechter acht een feitenonderzoek noodzakelijk waarvoor het kort geding zich niet leent.

Samenvatting:
Verhuurder/eigenaar eist de ontruiming van de woning omdat de huurovereenkomst naar zijn aard van korte duur was. De woning werd verhuurd omdat de verkoopmarkt helemaal vast zat en de eigenaar de woning niet kon verkopen. De verhuurder heeft het aan de huurders verhuurd omdat zei een tijdelijke woning zochten voor hun werk in Nederland.
Na de termijn van twee jaar weigeren de huurders de woning te verlaten en wonen zei daar nu zonder rechteren. De verhuurder/eigenaar heeft de verkoop actie voor de periode van twee jaar gestaakt. In afwachting van het aan trekken van de huizen markt.

De huurders verweren zich hier tegen en stellen dat het hun nooit gemeld is dat het maar voor uiterlijk 2 jaar verhuurd zou worden aan hen. Daarnaast is een paar maanden voor het verstrijken van de 2 maanden termijn aan de huurder gevraagd door de verhuurder of ze het contact met een jaar willen verlengen. Dit wijst niet op een dringend eigen gebruik door de verhuurder.
Daarnaast hebben de huurders veel mogelijkheden gehad om het huurcontract naar eigen inzichten aan te passen, waar de verhuurder mee heeft in gestemd. Daarom stellen zei dat ze gebruik mogen maken van de wettelijke rechtsbescherming als huurder.

De rechter beoordeeld dat hij zonder verder onderzoek niet kan beoordelen of de eis van de verhuurder toewijsbaar is. Over de vraag of hier sprake is van een huurovereenkomst naar zijn aard van korte duur moet de kantonrechter de zaak toetsen aan de jurisprudentie rond artikel 7:232 lid 2 BW. De rechter geeft aan dat dit alleen via een bodemprocedure kan plaats vinden. Dit omdat er tijdens de zitting verschillende verhalen van de verhuurder en huurder zijn gekomen over de intentie van de huurovereenkomst. Daarom wijst de rechter de eis van de verhuurder af.

Rechter:
D.H. de Witte  
Gemachtigde:
Guido Zijlstra  
Instantie:
Sector kanton  
Winnaar:
Huurder  
Deze uitspraak bevat 1 bijlage. Wilt u deze per mail ontvangen, stuur dan een verzoek naar spreekuur@wooninfo.nl en vermeld het kenmerk en de titel van de uitspraak.
 
  Terug